Midden op de Grote Markt staat het gebouw waar Nijmegen zichzelf gelijk gaf. Hier lieten kooplieden en boeren in 1612-1613 hun vrachten wegen — boter, kaas, waren — en betaalden het weeggeld: publiek vertrouwen hing aan deze officiële balansen. Architect Cornelis Janssen van Delft gaf het de allure van een klein stadspaleis: rechthoekig, rode baksteen met natuursteen, bekroond door trapgevels.
Zie de verwantschap met de stijl van Hendrick de Keyser, de Amsterdamse meester: dezelfde lichte speklagen over de baksteen, dezelfde voorliefde voor muurankers, cartouches en verspringingen. De gevel is niet louter versiering; hij verkondigt de koopmanswelvaart van een Waalstad.
Wist je dat?
Onder één dak leefden drie functies samen: de waag aan de ene kant, de vleeshal aan de andere (met kruisribgewelven op pijlers), en op de bovenverdieping tot 1885 de militaire hoofdwacht. Vandaag zit er een druk stadscafé-restaurant.
Praktisch
- Grote Markt, Nijmegen.
- Gerestaureerd in 1886 door Jan Jacob Weve.
- Rijksmonument nr. 31137.

